Wat doen de grote politieke partijen voor kwetsbare Nederlanders?
28 okt 2025
In de verkiezingsdebatten hoor je er maar weinig over: de zorg voor kwetsbare groepen in Nederland. Thema’s als verslaving en dakloosheid worden al snel in de hoek gestopt van criminaliteit, en mensen die ermee te maken hebben, worden gestigmatiseerd.
Over drugscriminaliteit zijn de meeste partijen het wel eens — daar willen we vanaf.
Maar drugscriminaliteit begint bij de vraag naar drugs, en dus bij de afhankelijkheid van mensen van middelen. Dan kun je streng optreden tegen criminelen, en dat is ook nodig, maar zolang we de oorzaken van verslaving niet aanpakken, blijft het dweilen met de kraan open.
Daarbij gaat verslaving niet alleen over drugs, maar ook over (het genormaliseerde) alcohol, gokken, seks, gamen en meer. We zouden dus juist moeten kijken naar waarom mensen verslaafd raken. En beseffen dat verslaving onder alle lagen van de bevolking voorkomt. Niemand kiest vrijwillig voor verslaving, en al helemaal niet voor de dakloosheid die daar soms uit voortkomt. In mijn documentaire Waarom stopt ie niet gewoon? is te zien hoe een verslaving kan ontstaan, en hoe ingewikkeld het is om er weer uit te komen.
Gelukkig zijn er wel partijen die in hun programma’s iets zeggen over verslaving, dakloosheid en mentale gezondheid — al verschilt de toon enorm.
Samenvattend beeld
- Mensgerichte, sociale benadering: GroenLinks–PvdA en D66 – zien verslaving als ziekte en dakloosheid als woonprobleem.
- Strenge, controlerende lijn: VVD, CDA, JA21 en PVV – leggen de nadruk op veiligheid, straf en zelfredzaamheid.
- Drugscriminaliteit: iedereen wil iets doen, maar de toon verschilt van reguleren (GroenLinks–PvdA, D66) tot keihard bestrijden (PVV, VVD, CDA, JA21).
- Dakloosheid & huisvesting: GroenLinks–PvdA en D66 kiezen voor wonen eerst; CDA legt nadruk op gezinnen en mantelzorg; VVD en JA21 focussen op orde en regulering.

‘Jouw lijntje is zijn liquidatie.’
Wat partijen concreet zeggen
CDA:
‘Jouw lijntje is zijn liquidatie.’
Feitelijk klopt dat: drugsgebruik voedt de onderwereld. Maar met zo’n zin schuift het CDA de verantwoordelijkheid in de schoenen van de gebruiker — iemand die vaak allang geen controle meer heeft. De boodschap mist empathie.
Positiever is dat het CDA wel inzet op preventie van mentale problemen bij jongeren, met programma’s op school en in de wijk. Ook willen ze de kostendelersnorm afschaffen, zodat mensen makkelijker samen kunnen wonen, bijvoorbeeld in een mantelzorgsituatie.
D66:
‘Mensen met onbegrepen of onveilig gedrag hebben meestal geen politie nodig, maar zorg.’
Dat vat de kern goed samen. D66 koppelt zorg en veiligheid, wil verslaving als gezondheidsprobleem behandelen, en pleit voor samenwerking tussen ggz, wijkteams en politie. Ook leggen ze de nadruk op mentale gezondheid en een actievere rol van de overheid in bemoeizorg voor mensen in de wijk. Verslaving heeft volgens hen vaak wortels in trauma en psychische problematiek — en dat klopt.
GroenLinks–PvdA:
‘We starten een landelijk actieplan mentale gezondheid voor jongeren.’
Zij leggen sterk de nadruk op preventie, het terugdringen van wachtlijsten in de ggz en de afbouw van gesloten jeugdzorg.
Opvallend is dat ze verslaving niet expliciet noemen, maar hun beleid op drugscriminaliteit is pragmatisch: legalisering van softdrugs en MDMA om de macht van criminelen te breken. En ze kiezen voor een woonbeleid dat dakloosheid beëindigd moet hebben in 2030, met de aanpak Wonen Eerst.
VVD:
De VVD ziet verslaving vooral in de context van veiligheid. Ze willen hard optreden tegen drugscriminaliteit, de kroongetuigenregeling uitbreiden en meer capaciteit bij de politie.
Op het gebied van mentale gezondheid willen ze de wachtlijsten in de ggz verkorten en suïcidepreventie versterken. In de jeugdzorg pleiten ze voor efficiëntie en doelgerichtheid: minder etiketten, sneller hulp voor wie het het hardst nodig heeft.
JA21:
Voor JA21 ligt de nadruk op orde en zelfredzaamheid. Ze erkennen dat sommige mensen aan de onderkant van de samenleving terechtkomen, maar zien dat vooral als tijdelijk en iets wat men zelf moet overwinnen. Er is geen concreet beleid voor verslaving of mentale gezondheid.
PVV:
De PVV wil meer opvang voor Nederlandse daklozen, maar zegt weinig over de oorzaken. Ze pleiten voor zero tolerance op drugs en het sluiten van coffeeshops.
Over ggz of jeugdzorg zeggen ze vrijwel niets — de nadruk ligt op veiligheid, grenzen en “Nederlanders eerst”.
Van beleid naar menselijkheid
Het verschil tussen de partijen is meer dan politiek; het zegt iets over hun mensbeeld.
Waar GroenLinks–PvdA en D66 uitgaan van zorg, preventie en herstel, kiezen VVD, CDA, JA21 en PVV voor controle, straf en eigen verantwoordelijkheid.
De eerste twee spreken over samenleven, de laatste vier vooral over handhaven.
Toch gaat het in de praktijk over dezelfde mensen: mensen die vastlopen, die soms overlast veroorzaken, maar meestal gewoon hulp nodig hebben.
Tot slot
In Waarom stopt ie niet gewoon? laat ik zien wat er schuilgaat achter het gedrag dat we vaak veroordelen. De worsteling, de schaamte, de pogingen om het anders te doen.
Wat mij opvalt als ik de partijprogramma’s lees, is dat er nog steeds weinig politiek besef is van hoe dieperliggende pijn en maatschappelijke uitsluiting bijdragen aan verslaving of dakloosheid.
Zolang we verslaving blijven zien als een persoonlijk falen in plaats van een maatschappelijk vraagstuk, zullen mensen blijven vallen tussen wal en schip.
Misschien is het tijd dat we het gesprek anders voeren.
Minder over straf.
Meer over menselijkheid.
Stem wijs!